Gezondheid

De tong: wat die ons kan vertellen

Tongdiagnostiek

In de oude geneeskundige traditie werd er -bij ziekte- altijd naar de tong gekeken. Als daar iets bijzonders aan te zien was, dan was dat een ondersteuning van de diagnose van de huisarts. Tegenwoordig gebeurt dat alleen nog in de traditionele Chinese- en de natuurgeneeskunde (met de zogenaamde tongdiagnostiek). Maar het kan geen kwaad om zelf eens naar je tong te kijken en te zien wat die jou in grote lijnen vertelt.

Ik zal hier niet alle begrippen uitleggen die met de tongdiagnostiek te maken hebben. Dat is uitermate ingewikkeld en omvangrijk (een hele studie waard). Maar zie dit vooral als een hulpmiddel om te kunnen beoordelen of iets normaal is of niet.

Vorm van de tong

Een normale tong is niet te groot of te klein voor de mond, en ziet er niet gezwollen of verschrompeld uit. In principe bevat hij geen extreme barsten of kloven, hoewel er in aanleg wel degelijk een kloof over de lengte (in het midden) aanwezig kan zijn. De papillen mogen wel wat omhoog komen, maar er mogen geen rode pukkeltjes of uitslag op zitten. Een normale tong is dus behoorlijk glad en vlezig rood-roze.

Als de tong dik en gezwollen is, met tandafdrukken (zo lijkt het) aan de zijkant, dan is dat doorgaans een gebrek aan Qi (de vitale levensenergie). Is hij erg dun en klein, dan mankeert er iets aan de ‘inwendige voeding’ en de vochtigheid in het lichaam (uitdroging). Let wel: we hebben het hier over het ‘Chinese totaal denken’, dus niet letterlijk over de hoeveelheid energie die iemand aan de dag kan leggen of de hoeveelheid vocht die iemand inneemt maar over het uit balans zijn van deze dingen onderhuids.

Beweeglijkheid van de tong

Een normale (uitgestoken) tong is soepel en beweeglijk naar alle kanten. Maar hij moet niet stuurloos bewegen of naar een bepaalde kant vallen. Als je je tong uitsteekt, dan hoort hij niet onbeheerst heen en weer te wiebelen maar ook niet zo stijf als een plank te zijn. En als je hem helemaal niet uit kunt steken, dan is mogelijk iets ernstigs aan de hand.

Kleur van de tong

De normale tong is vlezig rood van kleur. Een bleke tong  wijst op een tekort aan iets (kan verschillende dingen zijn) en hoe roder de tong is (van scharlaken rood tot paars), hoe meer ‘hitte’ er in het lichaam is. Maar is de tong lichtpaars, dan heeft de stoornis met ‘inwendige kou’ te maken. En een donkere zweem op de tong duidt op een zekere stagnatie (iets stroomt er niet meer naar behoren).

Kleur van het beslag op de tong

Een normale tong is licht vochtig van zichzelf, zonder veel beslag. Veel beslag op de tong heeft doorgaans te maken met de spijsvertering en de verhouding tussen ‘warme’ en ‘koude’ producten in de voeding. Verwarmende producten brengen onze organen in beweging, zetten (afval)stoffen om in andere producten en verwarmen ons lichaam. Verkoelende producten brengen onze organen tot rust en verkoelen het lichaam (zie verder de Chinese voedingsleer en de Ayur Veda, want het heeft in principe niets te maken met of je iets warm of koud eet).

Bij een gezond mens is het beslag ongeveer overal even dik, hoewel het in het midden van de tong ook wat dikker kan zijn. Het is dun, witachtig en vochtig terwijl de tong zelf nog zichtbaar is.
Een heel dik beslag duidt altijd op een ‘teveel’ van iets. En hoe donkerder het beslag (van geel tot bruin en zelfs zwart), hoe meer ‘hitte’ er in het spel is. Ook hoort het beslag niet vettig of deegachtig te zijn, niet hard en uitgedroogd, als een landschapskaart verdeeld over de tong of gedeeltelijk ‘afgepeld’.

Een duidelijk tongbeslag is altijd langere tijd aanwezig en valt niet zomaar te verwijderen. Maar het drinken van koffie, drop of rode vruchtensappen kan de tong wel kortstondig (half uurtje) iets van kleur doen veranderen.

Op welke plaats zit het probleem?

Naast deze algemene vorm en kleur-beoordeling is het van belang om te kijken op welke plek op de tong zich iets bevindt. Want die geeft iets aan over het ‘orgaanstelsel’ waar het (eventuele) probleem mee te maken heeft. Het uiterste puntje staat voor het hart, met daaromheen in een halve cirkel de longen, in het midden de maag en milt, aan de zijkanten de gal en lever en meer naar achteren de darmen en de nieren.

Omdat de tong reflecteert hoe het met alle processen in het lichaam is gesteld, kunnen allerlei dingen ook steeds veranderen. Daarom is het zinvol om de tong elke week eens te bestuderen om te kunnen beoordelen of iets echt structureel is of slechts van tijdelijke aard.

Voedingsmiddelen en de pest

 

 

 

Gerelateerde berichten

Geen reacties

Reageer op dit bericht

%d bloggers liken dit:

Powered by themekiller.com